(1) Wie schreef het Nieuwe Testament? (2) Bewijsstuk #11: Synoptische gospels en Handelingen
(3) Bewijsstuk #12: Evangelie van Johannes  (4) Bewijsstuk #13: De brieven van Paulus 
   

4. Auteurschap en datering van het Nieuwe Testament (3)

☼ Bewijsstuk #12: Auteurschap en datum van het Evangelie van Johannes

Het Evangelie van Johannes is volledig onafhankelijk geschreven van de synoptische evangeliën. De “rode draad” van de gebeurtenissen wordt gedeeld: Johannes de Doper, Jezus zijn leven, Zijn onderwijzingen, Zijn verraad, ontkenning van Petrus, de rechtszaken, de kruisiging en de opstanding. Johannes schetst een minder chronologisch plaatje van Jezus, maar geeft ons meer achtergrond en uitleg, inclusief instructies aan Christenen. Hij benadrukt Jezus’ wonderen als bewijzen voor de niet gelovige dat Jezus God is (Johannes 20:30).

Zoals met de andere evangeliën is ook dit evangelie technisch gezien anoniem, dus wat koppelt dit evangelie aan Johannes de apostel?

Externe bewijzen:

  • Irenaeus ca. 170-180 AD: “Nadien, Johannes, de discipel van de Heere, die ook tegen Zijn borst had aangeleund, publiceerde zelf een evangelie gedurende zijn verblijf in Efeze in Azie.”[1]  De inhoud van dit citaat bevestigd ook dat Johannes schreef na de synoptische evangeliën en gedurende zijn verblijf in Efeze.
  • Muratorian fragment uit ca. 200 AD: “Het vierde evangelie is van Johannes, een van de discipelen.”[2]
  • Tertullianus schrijft in ca. 207 AD: “Van de apostelen, daarom, installeerde eerst Johannes en Matthëus het geloof in ons; terwijl de apostolische mannen, Lucas en Marcus het later hernieuwde.”[3]
  • Geen enkele schrijver van de vroege kerk heeft ooit een alternatief voorgesteld en het boek was in al de vroegste voorgestelde canons geaccepteerd.

Interne aanknopingspunten:[4]

·         De schrijver was een Jood die welbekend was met de Joodse tradities en het Oude Testament.

·         De schrijver was van Palestina: toont kennis van de geografie en de topografie, speciaal van Jeruzalem en het omliggende platteland van Judea.

·         Volgens Johannes 21:24 beweert hij een ooggetuige te zijn geweest: “Dit is de discipel die van deze dingen getuige is geweest en die ze opschreef. We weten dat zijn getuigenis waar is.”

·         Geschreven als een ooggetuige (vanwege de discussie van onbelangrijke details).

·         De schrijver refereert een aantal keren naar “de discipel die Jezus liefhad” . Hij was aanwezig bij Jezus’ laatste avondmaal en gedurende die laatste nacht. Hij was onderdeel van Jezus’ “inner circle”.

·         Johannes en Jacobus (zonen van Zebedeus) worden nooit met name genoemd. Petrus en anderen worden vaak genoemd. Jacobus is als martelaar gestorven ca. 44 AD en daarom is Johannes de enige overgebleven kandidaat.

·         Johannes de Doper wordt alleen maar “Johannes” genoemd in het document en dit geeft aan dat er geen verwarring was met een andere Johannes (Johannes de apostel, met andere woorden de auteur).

Argumenten die naar voren zijn gebracht tegen Johannes de Apostel:

  • Waarom was de vroege kerk zo stil over het Evangelie van Johannes? Noch Ignatius, noch Polycarpus, die beiden discipelen van Johannes waren, noemen zijn evangelie in hun brieven.  Zij vermelden echter ook geen andere evangeliën en hun brieven adresseren geen andere geschriften.
  • Als dit Johannes de apostel was, waarom is zijn verhaal zo verschillend van de synoptische evangeliën?  Dit argument veronderstelt dat Johannes een geschiedkundig overzicht wilde schrijven, wat niet de hoofdzaak van zijn evangelie was.
  • Hoe kon een visserman van Galilea zo welbekend en invloedrijk in Jeruzalem zijn om zelfs toegang tot de binnenplaats van de hoge priester te hebben gedurende de rechtszaak van Jezus (Johannes 18:15-16)? In samenhang hiermee moet men zich realiseren dat in die dagen vissers niet noodzakelijkerwijs arm en niet opgeleid waren. Om een boot en een bedrijf te bezitten had men op zijn minst een opleiding en zakenkennis nodig en een succesvolle onderneming kan rijkdom geven. Dus, misschien was de familie van Johannes – De Zebedeus – rijker en invloedrijker en/of  waren zelfs onderdeel van een priesterlijke familie.

Waar leidt dit allemaal toe?  Gerald L. Borchert vat dit heel accuraat als volgt samen:[5]

“Er zijn weinig redenen om te verwerpen dat de zoon van Zebedeus de hoofdfiguur en de authentieke getuige is die betrokken was bij het schrijven van dit evangelie. Ik denk niet dat hij noodzakelijkerwijs zelf de schrijver van dit werk geweest hoeft te zijn, noch dat hij zichzelf benoemde als de ‘geliefde apostel’. Ook zou ik het niet onwaarschijnlijk achten dat dit evangelie het gecombineerde werk is geweest van een ouderwordende Johannes en een liefhebbende schrijver, die groot respect voor de leider van zijn kerk of leefgemeenschap had.”

Met betrekking tot de datum van het schrijven van Johannes bestaat algemene consensus onder bijbelgeleerden over de periode 85-95 AD. Omdat de Rylands papyrus (P52) met een gedeelte van Johannes 18 is gedateerd rond 117-138 AD (en er enige tijd noodzakelijk geweest zou moeten zijn voor dit papyrusfragment om naar Egypte te reizen waar het is gevonden) zou het later dan 100 AD dateren van dit evangelie niet consistent zijn met dit bewijs. Het argument wordt versterkt door de frisheid en dynamiek van het boek, welke meestal ontbreekt in oudheidkundige geschriften die vele jaren na de gebeurtenissen geschreven zijn. Achtergrond informatie, persoonlijk detail en zorgvuldig vastgelegde persoonlijke conversaties (bijvoorbeeld Johannes 3, 4, 8-10 en 13-17) suggereren het werk van een ooggetuige. Sommigen stellen zelfs een veel eerdere datum voor, ruim voor de verwoesting van Jeruzalem, vanwege de gedetailleerde ooggetuigen beschrijvingen van delen van de stad welke in 70 AD verwoest werden. Tevens  zijn deze details in de tegenwoordige tijd beschreven (zie bijvoorbeeld Johannes 5;2). Dit is echter een minderheidsopinie.  

Tijdslijn Nieuwe Testament

 

Tijdslijn voor het schrijven van het Nieuwe Testament

 

Lees meer over: (4) Bewijsstuk #13: De brieven van Paulus 

 


[1] Irenaeus, Against Heresies, The Ante-Nicene Fathers Volume I through X: Translations of the Writings of the Fathers Down to AD 325 (1997), Volume 1, pagina 414.

[2] Idem, Volume 5, pagina 603.

[3] Idem, Volume 3, pagina 347.

[4] De redenatie wordt in detail besproken in Craig L Blomberg: The Historical Reliability of John’s Gospel (2001), pagina’s 27-31.

[5] Borchert, Gerald L.: The New American Commentary John 1-11. (1996), pagina 90.

Windmill Ministries - Christelijke Apologetiek - Geloofsverdediging  voor het Christendom
Home - Sitemap - Over Ons - Steun Ons - Neem Contact Op - Copyright - Boeken - DVDs

Vertel een vriend over deze pagina: 

SIP's Top Christian Books Sites - Free Traffic Sharing Service! JCSM''s Top 1000 Christian Sites - Free Traffic Sharing Service! Top Christian Web Sites The Fundamental Top 500