Een nadere analyse
van DNA
We hebben gezien dat cellen de bouwstenen voor elk levend systeem zijn. Al
de instructies die nodig zijn voor het verrichten van hun activiteiten
zijn opgeslagen in het chemische DNA van elke cel. Het DNA van elk organisme bestaat uit dezelfde chemische en natuurkundige
bestanddelen. De DNA instructies liggen vast in de opeenvolging van de
baseparen (DNA “letters”) langs de DNA streng (bijv. “ATTCCGGA”).
Deze volgorde geeft de exacte instructies aan die het mogelijk maken
om een organisme met zijn eigen unieke karakteristieken te bouwen. De genoom is de complete DNA set
van een organisme. Genooms variëren sterk in grootte. Het kleinste
genoom van een levend organisme (een bacterie) dat we kennen bevat
ongeveer 600.000 DNA baseparen, terwijl de genomes van mensen en
muizen er ongeveer 3 miljard bevatten. Het DNA in de menselijke genoom is gerangschikt in 23 chromosoom paren – fysiek gescheiden maar onderling gespiegelde
moleculen die variëren in lengte van ongeveer 50
tot 250 miljoen baseparen. Elke chromosoom bevat vele genen,
de fundamentele
fysieke en functionele erfelijkheidsdragers. Genen zijn specifieke
aaneenschakelingen van DNA baseparen die de instructies
bevatten over hoe het eiwit moet worden maken. Genen beslaan slechts
een klein percentage van de menselijke genoom (ongeveer twee procent);
de rest bestaat uit niet-coderend
DNA (ook wel junk-DNA, ‘afval
DNA’ genoemd). Men schat
dat de menselijke genoom 20.000 tot 25.000 genen bevat. Aan het einde
van de chromosoom bevindt zich een sectie DNA wat telomeer
word genoemd. Een telomeer is te vergelijken met het plastic uiteinde
van een veter. Bij iedere deling rafelt het uiteinde een stukje uit en
uiteindelijk kan de cel niet meer delen en sterft. Menselijke cellen
bereiken dit stadium na zo'n vijftig, zestig delingen. Wetenschappers
geloven dat als de telomeerlengte behouden blijft, de cel zich kan
blijven delen zonder dood te gaan. We zullen hier later nog verder
opingaan.[1]
Vereenvoudigd overzicht van een DNA streng Junk-DNA, bewijs voor
evolutie of ontwerp?
Junk-DNA (afval
DNA) is een collectief etiket voor dat deel van de DNA streng op de
chromosoom waarvoor nog geen functie is ontdekt. Voor de huidige
genoom word op dit moment zo’n 97% als ‘junk’ aangeduid. Evolutionisten
beschouwden aanvankelijk de aanwezigheid van junk-DNA als
overblijfsel van het evolutieproces en voerden het aan als bewijs
tegen het bestaan van een Schepper: ”Waarom zou een perfecte God DNA scheppen wat voornamelijk bestaat uit
ongebruikte secties?” Volgens
een van de evolutionaire gezichtspunten zijn de secties junk-DNA de
toevallig geproduceerde DNA basepaar reeksen die geen functie hebben,
of het zijn overblijfselen van voorvaderlijk DNA wat niet langer word
gebruikt. Een andere evolutionaire theorie is dat junk-DNA werkt als
een parasiet – ook wel egoistisch-DNA genoemd, omdat het bestaat uit
DNA dat meer efficiënt kopieert dan coderend DNA. Recente
studies ontdekken meer en meer functies van grote stukken op de
chromosoom van wat eerder was geïdentificeerd als “junk”. Ten
eerste is het duidelijk geworden, door het gebruik van statistische
technieken, dat het niet-coderende DNA eigenlijk een grote
uniformiteit en structuur heeft en zeker niet zomaar willekeurig is.
Ten tweede is ondekt dat het niet coderende deel van het DNA,
een essentiële structuur geeft aan de rest. Ten derde is het
klaarblijkelijk zo dat de niet-coderende DNA secties een rol spelen
als katalysator voor de transcriptie van bepaalde genen. Ten vierde is
het bewezen dat het bestaan van de zogenaamde pseudo-genen
(kopieën van de genen in de niet coderende secties) een
belangrijke rol spelen in de juiste werking van de corresponderende
gewone genen. Ten
slotte blijkt nu dat secties van de niet gecodeerde DNA een rol spelen
als moleculaire schakelaars om genen te laten weten wanneer en waar te
stoppen en te starten. Dr. C. Owen Lovejoy[2]
zegt in het eerder genoemde Time
Magazine artikel: “Neem de
genen die betrokken zijn in het scheppen van de hand, de penis en de
ruggengraat. Deze delen
sommige van dezelfde structurele genen…het is alsof je de
bouwtekening voor twee verschillende stenen huizen zou hebben. De
stenen zijn hetzelfde, maar de resultaten zijn erg verschillend”. Het
artikel zegt verder: “Deze
moleculaire schakelaars liggen in de niet-coderende secties van de
genoom – eerst neerbuigend junk-DNA genoemd, maar later herdoopt als
‘de duistere materie’ van de genoom”. Berra’s flater [3] In
1990 publiceerde Ohia’s State University biologie onderwijzer Tim
Berra een boek wat bedoeld was om de kritieken op de
evolutietheorie te ontzenuwen.[4]
Om te laten zien hoe de vondsten van fossielen bewijs leverde van
soorten die evolueerden van minder ontwikkelde en geavanceerde
voorvaderen, gebruikte Berra een illustratie van diverse modellen
Corvette automodellen. Hij schreef: “Als je een 1953 en een 1954 Corvette zij aan zij vergelijk,, dan een
1954 en een 1955 model, en ga zo maar door, dan is “afstamming met
wijziging” voor de hand liggend”.
In de evolutionaire theorie betekent ‘afstamming’ echter
biologische reproductie. Auto’s worden ontworpen en samengesteld,
niet louter geboren. De analogie van de Corvetten bewees het
tegenovergestelde van wat Berra wilde bewijzen – namelijk dat een
opeenvolging van
overeenkomstigheden geen bewijs is van biologische evolutie, maar
dat het overeenkomsten vertoond omdat het is ontworpen! Darwin
criticus en belangrijke bijdrager van de huidige “Intelligent
Design” stroming, Philip Johnson noemde
dit “Berra’s flater”.[5] Het
“evolueren” van junk-DNA van “junk” naar “duistere materie”,
geeft aan dat het niet coderende deel op de chromosoom geen
overgebleven materiaal is en dat de wetenschap van de genetica nog een
lange weg te gaan heeft om volledig het doel en de werking van DNA in
het cel producerende proces te begrijpen. Lees verder: (4) Bewijsstuk #7: De gevonden fossielen [1]
Zie later in hoofdstuk 23: Bewijsstuk #3:
Telomeren – We hebben niet het eeuwige leven. [2] Hoofdartikel How We Became Human in Time Magazine ’s October 9, 2006 uitgave, pagina 48. [3] Jonathan Wells , The Politically Incorrect Guide to Darwinism and Intelligent Design (2006), hoofdstuk 2. [4] Tim Berra, Evolution and the Myth of Creationism (1990), pageina’s 117-119. [5] Philip E. Johnson, Defeating Darwinism by Opening Minds (1997), pagina’s 62-63. |
||||||
| Windmill
Ministries - Christelijke Apologetiek - Geloofsverdediging voor het Christendom Home - Sitemap - Over Ons - Steun Ons - Neem Contact Op - Copyright - Boeken - DVDs |