(1) Bewijsstuk #8: Leeftijd van het menselijk ras (2) Bewijsstuk #9: Onreduceerbaar
complexe machines 
(3) Bewijsstuk #10: Symbiotische relaties  (4) Bewijsstuk #11: De wet van entropie (wanorde)
(5) Bewijsstuk #12: Horlogemaker argument  (6) Bewijsstuk #13: Moraliteits argument
(7) Bewijsstuk #14: The bewijs van de stilte (8) Bewijsstuk #15: Extra dimensionaliteit
(9) Bewijsstuk #16: Bijnadoodervaringen  
   

6. Andere onweerlegbare bewijzen (6)

☼ Bewijsstuk #13: Het argument van de moraliteit

Alle mensen zijn geboren met een concept van morele waarden – juist en onjuist, goed en slecht. Dieren hebben deze perceptie niet; ze hebben geen concept van goede en slechte keuzes en zijn daarom amoreel. Dieren worden alleen maar gedreven door instincten zoals eten, spelen en comfort. Dit concept van moraliteit zorgt ervoor dat mensen verschillen van elk ander schepsel op aarde.

We weten allemaal van binnen wat “het juiste is om te doen”. En we zijn het er allemaal mee eens: Een seriemoordenaar is een slechte man en moeder Theresa was een goede vrouw.

Waarom is dat? Als de evolutietheorie waar is, hoe kan het de menselijke concepten van moraliteit uitleggen? Als mensen niet meer dan een kosmisch “ongeluk” zijn,  een toevalstreffer van tijd en kans, waarom hebben personen dan deze morele waarden? Eenvoudig gezegd; hoe kan een onafzienbare hoeveelheid amorele organische componenten resulteren in menselijke wezens met morele waarden? Als wij zijn geëvolueerd van een amorele voorvader hoe kan het dan zijn dat we deze morele waarden bezitten?

Een zelfde beredenering is door C.S. Lewis ontwikkeld.[1] Hij stelde het concept van moraliteit ter discussie. Dat is gewoonweg niet mogelijk of logisch. De kern van zijn redenering bestaat uit deze volgende argumentatie:

1.      Morele wetten geven de indruk van een Morele Wet Gever.

2.      Er is een objectieve morele wet.

3.      En daarom moet er dus een Morele Wet Gever zijn.

De eerste stelling is vanzelfsprekend. Morele wetten verschillen van natuurlijke wetten. Morele wetten omschrijven niet wat er is, ze schrijven voor hoe het moet zijn. We kunnen ze niet leren door te observeren wat mensen doen. Ze zijn wat alle mensen zouden moeten doen, ongeacht of ze het ook inderdaad doen of niet.

Het meeste gewicht van het argument rust op de tweede stelling – het bestaan van een objectieve morele wet. Het betekent dat een morele wet niet alleen maar is voorgeschreven door ons, maar zelfs ook voor ons. Mensen schrijven passend gedrag voor aan andere mensen. De vraag is of er bewijs is voor een universeel, objectief voorschrift dat voor alle mensen van toepassing is. Het bewijs voor zo’n wet is sterk. Het is geďmpliceerd in ons oordeel dat “ de wereld steeds beter (of slechter) wordt”. Hoe kunnen we dat weten als er niet een of andere maatstaf buiten de wereld is waarmee we onze vooruitgang (of achteruitgang) kunnen meten? Uitspraken zoals “Hitler was verkeerd”  is slechts onze subjectieve mening, en laat het besluit of Hitler zijn beslissingen goed of verkeerd waren afhangen van de culturele normen.  Als hij echter objectief verkeerd was, dan is er een morele wet die boven ons uit torend en waaraan we zijn gebonden. En als er zo’n universele wet is dan moet er een universele Morele Wet Gever (God) zijn.[2]

Ga verder met (7) Bewijsstuk #14: The bewijs van de stilte

 


[1] C.S. Lewis, Mere Christianity (1952), pagina 15-39.

[2] Norman L. Geisler, Baker Encyclopedia of Christian Apologetics (1999), pagina 278.

Windmill Ministries - Christelijke Apologetiek - Geloofsverdediging  voor het Christendom
Home - Sitemap - Over Ons - Steun Ons - Neem Contact Op - Copyright - Boeken - DVDs

Vertel een vriend over deze pagina: 

SIP's Top Christian Books Sites - Free Traffic Sharing Service! JCSM''s Top 1000 Christian Sites - Free Traffic Sharing Service! Top Christian Web Sites The Fundamental Top 500