Wij ervaren ons
heelal als een “drieëneenhalve” dimensionale wereld; drie
ruimte dimensies (lengte, breedte, hoogte) en “een halve”
tijddimensie (we kunnen alleen vooruit bewegen). Echter – is dat
werkelijk alles wat er is? Of is dat alleen maar onze beperkts
waarnemingsvermogen?[1] In de periode
1980-1990 onderkenden theoretische natuurkundigen dat er gewoonweg
niet genoeg “ruimte” in de dimensies van lengte, breedte, hoogte
en tijd was die vereist zijn voor de symmetrie van zowel de
zwaartekrachttheorie als de kwantummechanica. In 1996, ontdekte
een team dat geleid werd door Adrew Strominger, dat alleen in tien
ruimte-tijd dimensies (negen ruimte, een tijd) de zwaartekracht- en
kwantummechanica succesvol zouden kunnen samengaan gedurende alle
tijdperken van de kosmische geschiedenis. Deze calculatie
kreeg later meer steun omdat diverse onderzoeken het bestaan
van deze theoretische dimensies bevestigde. Het
scheppingsmodel dat uit deze theorie ontstaat is als volgt:
Momenteel zijn de
zes minuscule dimensies “strak opgerold” rondom de drie grote
ruimte dimensies. Behalve voor het inwendige van ‘zwarte gaten’,
spelen de minuscule dimensies vandaag de dag geen rol in de dynamiek
van het heelal. Indien God het
heelal heeft geschapen, dan heeft Hij ook de Big Bang veroorzaakt en
heeft Hij het waarnemingsvermogen van de mens gelimiteerd tot een
drieëneenhalve dimensionale wereld. Echter, er is niets dat Hem kan
limiteren om zich rond te bewegen in deze 10 (of misschien wel meer)
dimensionale wereld. Dit is inclusief de volledige controle over de
tijd dimensie. Hij heeft tijd geschapen en het geeft Hem geen
limieten. Dit
meerdimensionale model zou ons mogelijk kunnen helpen om veel
concepten waar mensen mee worstelen beter te begrijpen, zoals:
Ga verder met (9) Bewijsstuk #16: Bijnadoodervaringen
[1] Hugh Ross, Beyond the Cosmos (1999).
|
| Windmill
Ministries - Christelijke Apologetiek - Geloofsverdediging voor het Christendom Home - Sitemap - Over Ons - Steun Ons - Neem Contact Op - Copyright - Boeken - DVDs |