(1) Wat is de Bijbel? (2) Overzicht van het Oude Testament
(3) Overzicht van het Nieuwe Testament (4) Bijbelvertalingen en bijbelgeleerden 
   

1. Kunnen we de Bijbel vertrouwen? (4)

Originele tekst tegenover vertalingen

Later zullen we overtuigende bewijzen bespreken waarmee we het zorgvuldig bewaren van de originele Bijbelteksten kunnen aantonen, alsmede de historische betrouwbaarheid van de boeken en de goddelijke inspiratie van het de Heilige Schrift, maar dat zal alleen met de originele Bijbelteksten in verband worden gebracht.

Er zijn de afgelopen jaren vele vertalingen gemaakt. Gedurende de eerste dagen van het Christendom werd het Hebreeuwse Oude Testament gewoonlijk in een Griekse vertaling gelezen. Naarmate de kerk groeide, nam ook de noodzaak voor vertalingen toe, wat de Heilige Schrift in de meeste gebruikte talen maar ook in lokale dialecten deed verschijnen. Al snel werd de Bijbel vertaald in het Latijns (de taal van het Romeinse Rijk), Syrisch (Een oosterse Aramese taal), Koptisch (geschreven Egyptisch) en Arabisch. Sommigen schatten dat al rond het jaar 500 AD de Bijbelteksten in meer dan 500 talen konden worden gelezen. Helaas waren vertalingen niet altijd zorgvuldig en werden er fouten gemaakt. Om deze reden – en ook omdat men niet wilde dat ‘gewone’ mensen de Bijbel konden lezen – verbood de (Rooms) Katholieke Kerk verdergaande vertalingen en werd alleen een speciale Latijnse tekst, de Vulgaat gebruikt welke vanuit het Grieks rond het jaar 600 AD was vertaald. Rond het jaar 1380 werden de eerste Engelse vertalingen door John Wycliffe gemaakt. In het jaar 1455 werd de drukpers uitgevonden (Gutenburg) en de mogelijkheid voor massaproduktie zorgde ervoor dat meer Engelse versies en vertalingen in andere talen sneller voorhanden waren.

In de loop van de jaren zijn er honderden vertalingen (men schat op ongeveer 450) in het Engels gemaakt. De meest bekende zijn: De King James (KJV 1611), de New International Version (NIV 1978), de New King James (NKJV 1982), de New American Standard Bible (NASB 1971) en de English Standard Version (ESV 2001).

De Delftse Bijbel wordt in het algemeen beschouwd als de eerste gedrukte Nederlandstalige Bijbel, hoewel het uitsluitend het Oude Testament (zonder de psalmen) omvat. De vertaling stamt uit omstreeks 1360. De Delftse Bijbel werd in 1477 gedrukt. De eerste volledige Nederlandstalige Bijbel is de vertaling van Jacob van Liesvelt uit 1526. Deze vertaling gebuikte de Latijnse Vulgaat als basis voor het Oude Testament en Martin Luther’s Duitse tekst als basis voor het Nieuwe Testament.

De Statenvertaling van 1637 is nog steeds de meest gebruikte vertaling in de meer conservatieve Protestantse gemeenten.  De naam Statenvertaling is ingeburgerd omdat de opdracht tot deze vertaling indertijd door de Staten-Generaal werd gegeven. De tekst werd rechtstreeks uit de brontalen – Hebreeuws voor het Oude Testament en Grieks voor het Nieuwe Testament – gemaakt. Veel Protestantse groepen gebruiken de Nederlands Bijbelgenootschap vertaling (de NBG-vertaling) van 1951. Deze tekst is een iets moderne variant van de Statenvertaling.

De Goed Nieuws Bijbel (1983, herzien in 1996) en Het Boek (1992) zijn vrij losse vertalingen van de Bijbel. In deze vertalingen staat de leesbaarheid voorop, waardoor de nauwkeurig van de vertaling soms wordt compromitteerd.

De Nieuwe Bijbelvertaling (NBV, 2004) tenslotte is een oecumenische (de Rooms Katholieke kerk en Protestante groepen) vertaling vanuit de grondtalen. Men heeft geprobeerd enerzijds trouw te zijn aan de oorspronkelijke tekst, anderzijds alleen in het Nederlands gebruikelijke woorden en zinsconstructies te gebruiken. Dit heeft tot nogal wat discussies geleid en veel kerken en groepen hebben besloten deze vertaling niet te gebruiken.

Bijbelvertalingen worden meestal gegroepeerd in drie hoofdcategorieën:

Letterlijke vertalingen: Hierin wordt de originele tekst woord voor woord vertaald in de meest gelijkwaardige woorden. Naar deze vertaling wordt soms ook verwezen als de interlineaire vertaling waarin de vertaalde woorden naast het originele Hebreeuws en Grieks wordt gezet. Alhoewel deze zonder enige twijfel de meest accurate vertalingen zijn, zijn ze moeilijk te lezen omdat de volgorde van de taal het originele Hebreeuws en Grieks volgt, wat totaal anders is dan een moderne westerse taal. De NASB en de ESV zijn goede voorbeelden van letterlijke vertalingen. Een goede Nederlandstalige Bijbel in deze categorie lijkt momenteel te ontbreken.

Functioneel gelijkwaardige vertalingen: Deze vertalingen doen een poging om zo letterlijk mogelijk te zijn, maar hervormen de zinnen en grammatica van de originele talen in de doeltaal. Ze doen een poging om de gedachte en de intentie van wat de schrijver wilde zeggen te bemachtigen. Als resultaat daarvan zijn ze makkelijker in de doeltaal te lezen maar hebben een hogere graad van subjectieve uitleg dan de letterlijke vertalingen. Deze vertalingen zijn inclusief  KJV, NKJV, en NIV. De Nederlandse Statenvertaling en NBG-vertaling vallen ook in deze categorie.

Hedendaagse taal vertalingen: Deze vertalingen verwoorden de gedachten en de intenties van de originele teksten naar een hedendaagse versie van de doeltaal. Het resultaat is makkelijk te lezen, maar de tekst is voor een groot gedeelte een subjectieve interpretatie en verwoording van de vertaler. Deze versies, zoals de welbekende The Message en de New Living Translation, en de Nederlandse Goed Nieuws Bijbel en Het Boek, moeten we met grote voorzichtigheid benaderen. Gebruik ze bijvoorbeeld als aanvullend leesmateriaal, maar wees ervan bewust dat deze teksten behoorlijk kunnen afwijken van de originele Bijbelteksten.

Elke vertaling is gekoppeld aan subjectieve interpretatie. Waarom? Talen vertalen niet woord voor woord. Dat wil zeggen dat niet elk woord precies hetzelfde woord in een andere taal heeft. Ook zijn sommige spreektalen rijker in hun uitdrukking dan de doeltaal (zoals het Grieks) of kleiner in hun woordenschat (zoals het Hebreeuws). Een vertaler moet de originele opvatting begrijpen en een gelijkwaardige verwoording vinden en dit maakt het resultaat afhankelijk van het vooroordeel van de vertaler. Het komt uiteindelijk hierop neer: Vertalingen kunnen onderling verschillen en fouten kunnen ontstaan. Wanneer vertalingen grote verschillen tonen zal onderzoek in de originele talen noodzakelijk zijn om de juiste betekenis te kunnen vinden.

Om de dingen nog wat ingewikkelder te maken worden een beperkt aantal verzen in het Nieuwe Testament niet door alle oude, nog bestaande documenten ondersteund: dit dwingt vertalers ertoe om te besluiten welke verzen ze zullen opnemen. De meeste vertalers zijn voorzichtig om fouten te begaan en zullen over elk vers dat niet is ondersteund door de overgrote meerderheid van de manuscripten een opmerking voor de lezer toevoegen.

Ter illustratie vergelijken we onderstaand (zie tabel 8-1) de vertaling van het “Onze Vader” uit het boek van Mattheus 6:9-13 uit de New International Version (NIV) met de King James Version (KJV). Afgezien van “oud” Engels tegenover een meer moderne Engelse stijl, zien we twee verschillen in het laatste vers:

KJV  versus NIV  Translation

 

Matthew

King James Version

(KJV )

New International Version (NIV )

6:9

“After this manner therefore pray ye: ‘Our Father which art in heaven, Hallowed be thy name.

“This, then, is how you should pray: ‘Our Father in heaven,

hallowed be your name,

6:10

Thy kingdom come. Thy will be done in earth, as it is in heaven.

your kingdom come,

your will be done

on earth as it is in heaven.

6:11

Give us this day our daily bread.

Give us today our daily bread.

6:12

And forgive us our debts, as we forgive our debtors.

Forgive us our debts,

as we also have forgiven our debtors.

6:13

And lead us not into temptation, but deliver us from evil: For thine is the kingdom, and the power, and the glory, for ever. Amen.’”

And lead us not into temptation,

but deliver us from the evil one.’”

Tabel 8- 1 : Het "Onze Vader" in twee Bijbelvertalingen

“The evil one” tegenover “evil”.  De KJV vraagt voor verlossing van “evil” (kwaad in het algemeen), terwijl volgens NIV vraagt om ons te verlossen van “the evil one” (de kwaadaardige ofwel de Duivel). Er is een behoorlijk verschil tussen de twee. De originele Griekse tekst gebruikt een bijvoeglijk naamwoord, wat “de boosaardige” de enige juiste vertaling maakt. We bidden om te worden verlost van de boosaardige, niet van gevaar, rampen of het algemene kwaad in de wereld.[1]

Een extra zin. In vergelijking met de NIV heeft de KJV een extra zin aan het einde: “Voor U is het koninkrijk, de kracht en de heerlijkheid tot  in alle eeuwigheid, Amen.” Dit is een goede illustratie van een latere toevoeging aan de oudst bewaard gebleven Griekse geschriften. Zoals de NIV opmerkt in een voetnoot: “In sommige latere documenten: voor U is het koninkrijk, de kracht en de heerlijk tot  in alle eeuwigheid, Amen”. Andere verzen in het Nieuwe Testament hebben gelijke toevoegingen. Geen van deze toevoegingen hebben enige ingrijpende theologische gevolgen, maar het is belangrijk om van deze verschillen op de hoogste te zijn.

Bijbelgeleerden en de Heilige Schrift

Voordat we in de bewijsstukken duiken is dit een goed moment om even stil te staan over hoe bijbelgeleerden in de afgelopen paar eeuwen (en zeker vandaag de dag) de Heilige Schrift benaderden en benaderen.

Een groot aantal van de erkende Bijbelgeleerden zijn geen (hoe verrassend dat ook mag zijn) gelovige Christenen. Velen nemen aan dat de bovennatuurlijke gebeurtenissen die in de Bijbel worden genoemd niet waar kunnen zijn en daarom deze documenten niet betrouwbaar kunnen zijn. Dit heeft niet alleen betrekking op profetieën (voorspellingen) maar ook op de wonderen en met name de verrijzenis van Jezus. De algemene benadering van deze kritische bijbelgeleerden is om te verklaren dat wonderen slechts legenden zijn en dat het schrijven van een profetie pas na de gebeurtenis zelf kan worden gedateerd. De onderliggende gedachte is dat “elk Bijbelverhaal/Bijbelboek onwaar is, tenzij het tegenovergestelde opnieuw en opnieuw kan worden bewezen”.

Net zoals evolutionaire wetenschappers het bewijs voor een Schepper afwijzen, zo wijzen ook niet-gelovige, vrijdenkende bijbelgeleerden de bewijzen voor bovennatuurlijke gebeurtenissen en profetieën af.  Daarom zal niemand er niet verbaasd over zijn dat een groot aantal van de bijbelgeleerden het auteurschap en de datum van compositie van de Pentateuch (de eerste vijf boeken van de Bijbel), alsmede de boeken van Jozua, Jesaja en Daniel uit het Oude Testament verwerpen. Deze boeken bevatten belangrijke openbaringen (Pentateuch en Jozua) en profetieën (Jesaja en Daniel) en daarom zullen we de bewijzen voor hun geschiedkundige betrouwbaarheid in de volgende hoofdstukken bespreken.

De niet-gelovige wereldbeschouwing over het Nieuwe Testament drijft vele bijbelgeleerden ertoe om te beweren dat:

  • Geen van de evangeliën door een ooggetuige werd geschreven.
  • Alle evangeliën na 70 AD of zelfs veel later zijn gedateerd.
  • Alle beschreven wonderen slechts legenden zijn.
  • De verrijzenis nooit gebeurd is.

De meeste moderne geleerden, die zich op het Nieuwe Testament richten, volgen de zogenaamde “derde speurtocht naar de historische Jezus”[2] en benadrukken het verankeren van Jezus tegen de achtergrond van Zijn eigen tijd en speciaal met betrekking tot de Joodse achtergrond en inhoud voor Zijn leven en leerstellingen. Deze derde speurtocht, die door niet-gelovende bijbelgeleerden wordt gevoed is eigenlijk een hele positieve ontwikkeling. Veel van de teksten uit het evangelie worden nu als ‘historisch betrouwbaar’ verklaard doordat ze in overeenstemming zijn met wat we nu (via andere bronnen) weten over Palestina in de eerste eeuw. Maar toch worden de paragrafen over bovennatuurlijke gebeurtenissen (zoals het lopen op water en het kalmeren van een storm), de verklaringen over de Goddelijkheid van Jezus en Zijn verrijzenis, nog steeds afgedaan als legenden en worden deze onbetrouwbaar genoemd.

Een andere extreme groep van bijbelgeleerden hebben zich verenigd in het Jesus Seminar onder de leiderschap van ultra-radicale bijbelgeleerden zoals John Dominic Crossan en Marcus Borg. Ik noem deze namen omdat ze vaak verschijnen in documentaires die door Discovery Channel, de History Channel enz. worden uitgezonden, waarin ze hun opinie afschilderen als de “meerderheidsopinie” (over de Heilige Schrift). Wees ervan bewust dat deze groep helemaal geen meerderheid van de wetenschap representeert. Van de 74 leden, hebben slechts 14 een wetenschappelijke Nieuw Testament reputatie; de rest zijn alleen maar leerlingen van de 14 wetenschappers. De enige reden waarom het Jesus Seminar genoemd moet worden is omdat het serieuze media attentie krijgt. Daardoor wordt de indruk gewekt dat ze de meerderheid van de wetenschap representeren. Nog niet zo lang geleden publiceerde het Jesus Seminar The Five Gospels[3] (de vijf evangelien). Hierin worden de vier evangeliën uit het Nieuwe Testament tesamen met het zogenaamde vijfde evangelie (het Evangelie van Thomas) besproken[4]. Dit laatste “evangelie” wordt door een meerderheid van de bijbelwetenschappers afgewezen als een niet betrouwbare vertaling (we zullen later het evangelie van Thomas uitgebreider behandelen). Het Jesus Seminar heeft – door een stemsysteem te gebruiken – alle uitspraken van Jezus in deze “vijf evangeliën” met een kleur gemarkeerd welke een indicatie geeft of deze uitspraak inderdaad door Jezus is gedaan; rood was ‘met zekerheid’, rose was ‘waarschijnlijk’,  grijs was ‘misschien’ en zwart was ‘zeer zeker niet’. Het resultaat was dramatisch: slechts 15 van Jezus’ uitspraken in de evangeliën waren roodgekleurd en 82% werd helemaal afgewezen.  Nogmaals, dit is slechts de opinie van deze kleine groep van liberale bijbelgeleerden. Een groep van evangelische bijbelgeleerden heeft naar aanleiding van “de vijf evangeliën” een weerwoord geschreven met als titel “Jezus under Fire”[5]  – een voortreffelijk repliek voor de aantijgingen van het Jesus Seminar.  

De onlangs uitgebrachte bestseller en 2006 film The DaVinci Code heeft een nieuwe golf van aanvallen op de geloofwaardigheid van het Nieuwe Testament tot gevolg gehad. De boulevardbladachtige beweringen in het verhaal over Jezus en Maria Magdalena zijn gebaseerd op een extreme uitleg van twijfelachtige Gnostische documenten die gevonden zijn in Nag Hammadi in Egypte in 1945. De beweringen in de DaVinci Code zijn door meerdere Christelijke bijbelgeleerden ontzenuwd in diverse publicaties.[6]

De Nag Hammadi bibliotheek heeft geleid tot een beweging die sommigen ook wel De Nieuwe School noemen. Deze beweging bevat niet-christelijke schrijvers zoals Elaine Pagels en Bart Ehrman. Deze Nieuwe School behandelt de nieuw ontdekte “evangelien” met dezelfde autoriteit  – of zelfs meer – als de Nieuwe Testament evangeliën en brieven, alhoewel men kan aantonen dat deze documenten veel later zijn geschreven en niet geloofwaardig zijn vanwege de gnostische, niet Christelijke invloeden.[7] Meer over de Nag Hammadi bibliotheek en over sommige van hun ontdekkingen zal ter discussie worden gesteld in een later hoofdstuk.[8]  

Het analyseren van de bewijzen voor de Bijbel

Hoe kunnen we weten dat de verhalen die we in de Bijbel lezen geen legenden, maar echte historische feiten zijn? En is er een manier waarop we kunnen weten dat de Bijbel niet alleen feitelijk accuraat, maar ook God’s Woord is dat wordt geopenbaard aan de mensheid?

Om de historische betrouwbaarheid en de Goddelijke inspiratie van de Bijbel te kunnen onderzoeken, zullen we de onderstaande onderwerpen en de daarbij verstrekte bewijsstukken in achtereenvolgende hoofdstukken bespreken:

De tekst van het Oude Testament: Hoe zijn de teksten overgedragen? Waarom zijn de Dode Zeerollen, de Septuagint en de lijst van canonieke boeken van het Oude Testament zo belangrijk?

Auteurschap en datering van het Oude Testament: Wie schreef de boeken van het Oude Testament en wanneer was dit bewerkstelligd?

De teksten van het Nieuwe Testament: Wat kunnen we leren van de oudst bewaard gebleven geschriften, de brieven van de kerkvaders en de lijst van canonieke boeken van het Nieuwe Testament?

Auteurschap en datering van het Nieuwe Testament: Wie schreven de boeken van het Nieuwe Testament en wanneer was dat compleet?

De verloren boeken van het Nieuwe Testament: Wat zijn deze boeken? Waar werden ze gevonden en door wie? Waren ze echt verloren?

De historische betrouwbaarheid van de Bijbel: Bevestigen archeologische en geschiedkundige analyses de Bijbelse boeken, of wijzen deze ze af?

De getuigenissen van niet-christelijke schrijvers: Zijn er in de eerste en tweede eeuw niet-christelijke bronnen die Jezus en het Christendom noemen? En als dat zo is, bevestigen deze bronnen de boeken van het Nieuwe Testament?

Kunnen we de getuigen vertrouwen?: Wanneer we uitgaan van objectieve criteria voor geloofwaardigheid en eerlijkheid, geeft dan een gedetailleerde analyse van de vier evangeliën, het boek van Handelingen en de brieven van Paulus ons meer inzicht over de waarheid van deze geschriften? 

Lees meer over: 2. Tekst en auteurschap van het Oude Testament


[1] William D. Mounce, Basics of Biblical Greek, (1999), hoofdstuk 9.

[2] William L. Craig, Jesus under Fire (1995) hoofdstuk 1; Gary R. Habermas ,, The Historical Jesus (1996), hoofdstuk 1.

[3] The Five Gospels: What did Jesus Really Say? The Search for the Authentic Words of Jesus (1993), Robert Funk en het Jesus Seminar .

[4] Zie hoofdstuk 7, Bewijsstuk #14: De verloren boeken waren nooit verloren.

[5] Michael Wilkins, J.P. Moreland: Jesus Under Fire, Modern Scholarship Reinvents the Historical Jesus (1995).

[6] Onder andere: Carl Olson, Sandra Miesel: The DaVinci Hoax (2004); Erwin Lutzer, The DaVinci Deception (2004).

[7] Onder andere: Dr. Darrel L Bock, The Missing Gospels (2006).

[8] Zie hoofdstuk 7, Bewijsstuk #14: De verloren boeken waren nooit verloren.

Windmill Ministries - Christelijke Apologetiek - Geloofsverdediging  voor het Christendom
Home - Sitemap - Over Ons - Steun Ons - Neem Contact Op - Copyright - Boeken - DVDs

Vertel een vriend over deze pagina: 

SIP's Top Christian Books Sites - Free Traffic Sharing Service! JCSM''s Top 1000 Christian Sites - Free Traffic Sharing Service! Top Christian Web Sites The Fundamental Top 500