|

Ik
ruik het zoute water
Voel
de wind in mijn gezicht
Ik
hoor de vogels schreeuwen..
En
het is al zoveel maanden later
Dan
dat ik zou schrijven dit gedicht.
Op
het strand schreeuwen twee meeuwen
Om
de restanten van een vis
Starend
naar het zand tussen mijn tenen
Besef
ik hoe ik jullie mis

Maar
als ik de zon zie zinken
In
het blauwe water van de zee
Plaatsmakend
voor de sterren en de maan
Vind
ik troost bij het idee
Dat
ze al bij jullie staan de blinken
Als
ik de zon weer op zie gaan

Ik
wordt stil van zoveel pracht
In
de rust van dit natuurgebied
Hier
voel ik telkens weer Zijn grote kracht
En
weet ik dat alleen Zijn wil geschiedt
Verdrietig
hef ik dan ’t gezicht
Naar
de hemel in het ondergaande licht
’t
gebed klinkt smekend door de stille nacht:
“Heer,
houdt over mijn ‘zusjes’ ook getrouw de wacht!”

En
wanneer je ’s avonds naar de hemel kijkt
En
je de sterren daar ziet stralen
Vergeet
dan niet dat ik de avond ervoor met liefde aan jullie heb
gedacht
En
dat zal doen totdat de zon voor ’t laatst in zee zal
dalen.

|